Gelijk of geluk met verbindende communicatie

De grondlegger van de geweldloze communicatie Marshall Rosenberg is in januari 2015 overleden. Niet voor niets dat er in 2015 een herdruk van het boek ‘Gelijk hebben of gelukkig zijn?’ verschenen is. Journaliste Gabriele Selis interviewde in 2003 Rosenberg. De antwoorden zijn zo letterlijk mogelijk weergegeven in vraag en antwoord. Ook al ben je bekend met het model van de geweldloze communicatie, het is toch anders om de stem van Rosenberg eens te horen. Wie hem niet uit eerste hand heeft meegemaakt, heeft hierin alsnog een kans te proeven van zijn geesteskind.

Het model van de geweldloze communicatie – tegenwoordig meer bekend als verbindende communicatie – bestaat uit een aantal stappen:
· Maak onderscheid tussen aannames van feiten
·(H)Erken gevoelens bij jezelf en bij de ander
·(H)Erken behoeftes bij jezelf en bij de ander
·Doe een concreet verzoek aan de ander

Dit model is door vele trainers en coaches overgenomen. Over de hele wereld zijn er NVC (Non Violent Communication) trainingen door trainers die al dan niet lid zijn van het Centre for Non Violent Communication (CNVC.org), dat ooit opgericht is door Rosenberg. Maar zelfs als je het model van de geweldloze communicatie kent , is het toch anders om de stem van de grondlegger te horen en in je op te nemen hoe hij het bedoeld heeft, hoe dit model is ontstaan en hoe hij het heeft toegepast.

Rosenberg leer je (indirect) kennen ‘als persoon’ door zijn grapjes, de nuchterheid en de sfeer waarin het interview is afgenomen. Zo provoceert Seils hem met de uitspraak dat je verlicht bent als je je bevrijdt van je behoeftes, waarop Rosenberg antwoordt dat je dan nog steeds moet plassen en eten. (Zijn idee is dat we net zo min zonder onze behoeftes kunnen als zonder lucht). Een andere uitspraak die Rosenberg doet, gaat over ‘giraffen’. De geweldloze communicatietaal wordt ook wel de giraffen-taal genoemd, refererend aan het grote hart van het dier en het automatische overzicht dat het heeft door alles van boven te kunnen bekijken. ‘Giraffen zijn niet aardig’, antwoordt Rosenberg als het gaat om ‘aardige mensen’ die hun behoeften niet kennen en ook geen grenzen kunnen aangeven. Daarmee prikt hij een aantal mythes door dat geweldloze communicatie betekent dat je ‘maar alles moet pikken’. Hij ont-mythologiseert ook dat geweldloze communicatie hetzelfde is als werkeloos toekijken hoe een misdadige regering zijn gang gaat. Hij gaat zelfs zo ver om te stellen: ‘Als ik (na alles geprobeerd te hebben) maar twee alternatieven zie, passief blijven of geweld gebruiken, dan kies ik voor geweld’. Ik hoop voor hem dat hij dan zijn ‘marshall arts vaardigheden’ onder de knie heeft.

In dit boek zie je de grondlegger aan het werk door de taal en de formulering die hij gebruikt. In de taal zitten je overtuigen verborgen. Zo zegt hij liever ‘ik weet nog niet hoe’ dan ‘dat kan (ik) niet’. Rosenberg tornt aan een aantal diep ingebedde overtuigingen in het bewustzijn van mensen. Als je denkt dat je een fout hebt gemaakt, moet er eerst zoiets zijn als ‘een fout’. Als je denkt in de taal van behoeftes, ontstaat er meer ruimte voor begrip en dan kun je uit het ‘fout-denken’ stappen.

Rosenberg geeft in dit boek levendige voorbeelden hoe hij zelf in zijn behoeftes is gaan voorzien. Hij heeft niet met de gemakkelijkste doelgroepen gewerkt: groepen Serviërs en Kroaten die net de oorlog achter de kiezen hadden, seksueel misbruikte dochters met hun vaders, leden van straatbendes. Door middel van gevoelens en behoeftes kom je in contact met een diepere laag van levensenergie in de ander, vindt hij. Rosenberg noemt het contact met goddelijke energie, als een metafoor voor iets dat door je heen stroomt. Werkelijk contact brengt genezing en dit werkelijke contact kan ontstaan door een wijze van empathie die het gebruik van letterlijke woorden of een beroepstherapie overstijgt.

De titel van het boek ‘Gelijk hebben of gelukkig zijn?’ is een uitspraak van Rosenberg uit het eerste hoofdstuk. Op deze uitspraak wordt wat oppervlakkig op ingegaan. Maar het daadwerkelijk geluk komt tot uiting in de verhalen en anekdotes van hemzelf en deelnemers aan zijn geweldloze communicatie trainingen. Geluk wordt in deze context getekend tegen de achtergrond van een weerbarstige werkelijkheid, gedurfde keuzes en in situaties waarin de deelnemers in levensgevaar zijn geweest. Het verhaal is doorspekt van zijn eigen twijfels en worstelingen én de verrassende uitkomsten die het heeft als hij zijn levenswijze van geweldloze communicatie in praktijk brengt. “Ik krijg steeds te horen dat ze na één empathische zitting vanbinnen een radicale verandering bemerken. In het begin kon ik dat zelf nauwelijks geloven,” (p.46). Zo wordt duidelijk dat de benaming ‘geweldloze communicatie’ inderdaad maar woorden zijn: de verpakking voor een ervaring die gaat leven als je de ervaring proeft waar Rosenberg over vertelt.

Boekrecensie: Gelijk hebben of gelukkig zijn? Gabriele Seils; Uitgeverij De Zaak, derde druk 2015. Voor meer informatie over dit boek, klik hier