Schaamte werkt als een stille onderstroom in teams. Schaamte bepaalt de sfeer, beïnvloedt samenwerking en houdt ons af van echte verbinding. Vaak blijft ze verborgen, omdat mensen zichzelf censureren zonder het door te hebben. Schaamte laat ons onszelf afsluiten, terugtrekken of doen alsof er niets aan de hand is – en stuurt zo het groepsproces vanuit de schaduw.
Het Tijdschrift voor Coaching heeft mijn artikel over Schaamte gepubliceerd. Ik beschrijf hier ik vanuit mijn coachingspraktijk hoe ik teams en individuen coach voorbij de schaamte. Lees hier het artikel en scroll naar beneden voor het themanummer. Veel leesplezier!
Veronique
Schaamte is een van de meest ongemakkelijke gevoelens die we kennen. Schaamte zegt niet: Ik heb iets verkeerd gedaan (zoals schuld dat doet), maar: Er is iets mis met mij. In teams klinkt dat als: Ik ben geen fijne collega of Als ik dit deel, word ik afgewezen.
Volgens Brené Brown is schaamte ‘een intens pijnlijk gevoel voortkomend uit de overtuiging dat we niet goed genoeg zijn en daarom geen liefde, verbondenheid of erbij horen waard zijn.’ Volgens Brown laat het brein bij schaamte dezelfde pijncentra activeert als bij lichamelijke pijn.
Wat schaamte extra verraderlijk maakt, is dat ze vooral in het onbewuste werkt. Mensen censureren zichzelf zonder dat ze het doorhebben, Schaamte blijft zo de onderstroom bepalen.
Om te begrijpen hoe schaamte ontstaat, moeten we terug naar onze eerste relaties: die met onze ouders of verzorgers. Daar wordt onze hechtingsstijl gevormd – de basis voor hoe we later verbinding aangaan in teams. Hechting bepaalt namelijk niet alleen hoe we nabijheid en steun ervaren, maar ook hoe we omgaan met kwetsbaarheid, afwijzing en onze behoefte aan erkenning. Vanuit die eerste ervaringen groeit het fundament waarop schaamte kan ontstaan of juist worden voorkomen. Laten we hechting nader onderzoeken.

Hechtingsstijlen
Veilige hechting is de basis van veerkracht en eigenwaarde Een veilig gehecht kind voelt zich gezien, gehoord en gesteund. Het krijgt liefdevolle aandacht, wordt emotioneel begrepen en weet dat het bij moeilijke gevoelens steun kan zoeken. De ouder stemt zich af, toont empathie, biedt nabijheid én ruimte voor autonomie. Er is plezier, spel en ontspanning – het zenuwstelsel kan tot rust komen. Daardoor leert het kind: ik ben oké zoals ik ben.
In deze veilige bedding ontstaat nauwelijks schaamte over emoties. Als het kind huilt, komt er troost. Als het iets ‘doms’ zegt, wordt er liefdevol gelachen – niet beschaamd. Kwetsbaarheid wordt bevestigd, niet afgewezen. En dat vormt de basis voor psychologische veiligheid later in teams: de moed om je uit te spreken, omdat je ervaring leert dat nabijheid mogelijk is, ook als je het moeilijk hebt.
Bij onveilige hechting werkt schaamte als een beschermlaag. Als een kind leert dat het niet veilig is om zichzelf te zijn, zoekt het naar manieren om de pijn van afwijzing te vermijden. En daar, in die beschermlaag, groeit de schaamte. Er zijn drie vormen van onveilige hechting:
1. Afwijzende hechting
Kinderen met afwijzende hechting kregen niet de emotionele steun die ze nodig hadden. Een ouder[1] kijkt weg, negeert de tranen of maakt een grapje terwijl het kind boos of verdrietig is. Emoties worden daarmee niet gespiegeld, maar afgewezen. Het kind leert: mijn gevoelens zijn lastig, ongepast of overdreven. De natuurlijke neiging tot huilen, troost zoeken of vragen om hulp wordt onderdrukt. En dus ontwikkelt het kind de overtuiging: ik ben zwak als ik emoties toon. Dat is niet alleen verdrietig – het roept schaamte op.
Op volwassen leeftijd leidt dit tot terughoudendheid, afstandelijkheid en moeite met hulp vragen. Op het werk toont iemand zich professioneel en rationeel, maar binnenin speelt de gedachte: als ik laat zien dat ik het moeilijk heb, raak ik het respect van anderen kwijt.
[1] Waar ouder staat, wordt verwezen naar de belangrijkste hechtingsfiguur van het kind, zoals verzorger of stiefouder etc.
2. Claimende hechting
Bij claimende hechting is de emotionele zorg van de ouder voor het kind onvoorspelbaar. De ouder is de ene keer warm en beschikbaar, en de andere keer afwezig of afstandelijk. Het kind weet niet waar het aan toe is.
Dit veroorzaakt verwarring en voortdurende stress: komt er iemand als ik huil? Ben ik te veel? Schaamte ontstaat hier in het voortdurende twijfelen aan de eigenwaarde: ik moet harder mijn best doen voor aandacht, want misschien ben ik niet belangrijk genoeg.
Volwassenen met deze hechting vragen veel bevestiging, zijn gevoelig voor subtiele signalen van afwijzing, en raken makkelijk uit balans bij conflicten. Op het werk zie je overmatig pleasen, lastig kunnen omgaan met kritiek, of gespannen reageren als iemand even niet bereikbaar is.
3. Gedesoriënteerde hechting
Bij een gedesoriënteerde hechting is de ouder niet alleen onvoorspelbaar, maar ook bedreigend. Een kind dat huilt krijgt bijvoorbeeld een woedende uitbarsting over zich heen. Of: de ouder zoekt toenadering op een verwarrende manier – bijvoorbeeld glimlachen wanneer er eigenlijk boosheid is – waardoor het kind zich onveilig voelt bij degene van wie het afhankelijk is. Schaamte kan ontstaan over machteloosheid (vluchten is niet mogelijk, nabijheid is niet veilig), of over zichzelf (het ligt aan mij) of over de eigen oncontroleerbare emoties (die ook onveilig zijn).
Als volwassene kan dit uitmonden in blokkades in sociale situaties, een grote controlebehoefte of ontlading van emoties op anderen. In teams uit zich dat in grillig gedrag: de ene keer innemend, de andere keer bot of vermijdend.
Subtiele trauma’s
Op basis van onveilige hechting ontstaat vaak subtiel trauma: geen schokkende gebeurtenissen, maar kleine, herhaalde ervaringen van niet gezien of afgewezen worden. Ze nestelen zich in het zenuwstelsel en zorgen voor een voortdurende alertheid.
Vaak gaat dit samen met geïnternaliseerde onderdrukking: oude negatieve overtuigingen die iemand over zichzelf is gaan geloven, zoals ik ben niet welkom of ik moet mezelf bewijzen zorgen ervoor dat eigen behoeften, gevoelens en uitingen van authentieke zelfexpressie worden onderdrukt.
Overlevingsstijlen
Als gevolg van onveilige hechting ontwikkelen kinderen overlevingsstrategieën om met de pijn van afwijzing, onvoorspelbaarheid of dreiging om te gaan. Deze overlevingsstrategieën worden later zichtbaar als karakterstructuren: vaste patronen van denken, voelen en doen die ooit nodig waren om te overleven, maar als volwassene in het hier en nu vaak belemmerend zijn.
De oorspronkelijke namen voor karakterstructuren komen voort uit het werk van Wilhelm Reich. Er zijn zes karakterstructuren die nog steeds worden gebruikt in coachingsopleidingen. Ik vind de benamingen echter problematisch: termen als ‘de psychopathische karakterstructuur’ of ‘de rigide karakterstructuur’ suggereren een statisch, pathologisch beeld – alsof het gaat om wie iemand is. Terwijl het mijns inziens gaat om wat iemand doet om zich veilig te voelen. Daarom noem ik ze geen ‘karakterstructuren’ meer. Ik spreek liever van overlevingsstijlen.
Hieronder geef ik een overzicht van de nieuwe namen die ik gegeven heb aan de zes karakterstructuren, gevolgd door een korte typering van elke stijl. Een beschrijving van deze overlevingsstijlen vind je ook terug in Coachen naar de kern: de magie van transformatie.

Ik vat de zes overlevingsstijlen in een tabel samen
| De Teruggetrokken Overlever (oorspronkelijke naam: de schizoïde karakterstructuur) | Iemand met deze overlevingsstijl heeft vanaf de geboorte ervaren dat het niet welkom was. Het werd niet met de liefde omringt die een baby nodig heeft: liefdevolle aanraking, gevoelde aanwezigheid van de ouder en interactie met de ouder. Het kind leert dat het veiliger is om zich terug te trekken in het hoofd, in de eigen binnenwereld. Er ontstaan onbewuste overtuigingen als: ik ben teveel, of ik ben niet gewenst, of niet welkom. | Schaamte over het eigen bestaan |
| De Tekortkomende Overlever (oorspronkelijke naam: de orale karakterstructuur) | Deze overlevingsstijl ontstaat als het kind heeft ervaren dat emotionele behoeften niet werden vervuld. De volwassene leert te leven vanuit een tekort en leert eigen behoeften te onderdrukken. Het ‘geven’ wordt een verkapt ‘halen’ bij anderen. | Schaamte over niet-vervulde behoeften, over tekort |
| De Samen-Overlever (oorspronkelijke naam: de symbiotische karakterstructuur) | Deze overlevingsstijl ontstaat uit als de eigen autonomie als kind niet werd erkend en het noodzakelijk was om voortdurend af te stemmen op de behoefte van de ander. De volwassene herhaalt een patroon van steeds een samen-zijn of samen-doen. | Schaamte over zichzelf verliezen in anderen, over het stellen van eigen grenzen en eigen keuzes |
| De Gehoorzame Overlever (oorspronkelijke naam: de masochistische karakterstructuur) | Deze overlevingsstijl komt voort uit het moeten gehoorzamen als kind. Er is geen afstemming met de eigen behoeften en geen ruimte voor het volgen van de innerlijke wijsheid en autoriteit. De volwassene geeft eigen autoriteit weg aan anderen en verzet zich tegelijkertijd tegen de autoriteit buiten zich. | Schaamte over gebrek aan assertiviteit |
| De Bevroren Overlever (oorspronkelijke naam: de rigide karakterstructuur) | Een persoon met deze overlevingsstijl heeft onveiligheid ervaren om het hart te openen vanuit de eigen identiteit als jongen of meisje in verbinding met eigen seksualiteit. Het hart is dichtgegaan: bevroren geraakt. ‘Wie je van binnen bent telt niet’: het wordt als imperfect te zien. De identiteit wordt nu gebaseerd op een perfecte buitenkant en presteren. | Schaamte over eigen essentie |
| De Boven-machtige Overlever (oorspronkelijke naam: de psychopathische karakterstructuur) | Iemand met deze overlevingsstijl heeft als kind geleerd om boven de eigen macht te moeten functioneren, omdat het kind eigenlijk de ouder van de ouder werd, of omdat ouders niet hebben kunnen ingrijpen als er bescherming nodig was. De volwassene herhaalt dit patroon door (te) grote projecten en uitdagingen te zoeken. | Schaamte over het ‘niet-kunnen’ en eigen kwetsbaarheid |
Mensen met overlevingsstijlen zijn gevoeliger voor groepsdynamische processen als uitsluiting, dader-slachtofferspiralen en zondebok-dynamiek. In teams worden geïnternaliseerde negatieve overtuigingen soms onbedoeld bevestigd. Als een teamlid bijvoorbeeld niet actief wordt betrokken of weinig erkenning krijgt, versterkt schaamte dat gevoel van buitensluiting. Verbinding maken wordt dan extra moeilijk.
Naar psychologische veiligheid
In een onveilige omgeving schakelt ons brein automatisch over op overlevingsmodus. Onze overlevingshersenen willen koste wat kost risico vermijden. En jezelf laten zien – met alles wat je denkt, voelt en ervaart – is een risico. Je zou afgewezen kunnen worden, verkeerd begrepen, of als zwak gezien. Het schaamtebrein neemt de regie over.
Om dit te doorbreken is psychologische veiligheid nodig waarin teamleden zich kwetsbaar mogen en durven opstellen. Kwetsbaarheid vraagt moed, maar ook vaardigheid. Het begint bij erkennen dat schaamte erbij hoort én dat we kunnen leren ermee om te gaan. Teams die psychologische veiligheid willen opbouwen, hebben er baat bij het volgende leren:
- Openlijk vertellen waar je mee zit – zonder drama, zonder maskers
- Negatieve emoties delen zonder te ontladen op een ander
- Emoties durven voelen, benoemen en toelaten
- Moeilijke onderwerpen bespreekbaar maken, juist als ze taboe lijken
Er drie voorwaarden voor psychologische veiligheid:
- De moed om jezelf uit te spreken. Wachten tot het veilig voelt is een valkuil. Veiligheid ontstaat juist doordat iemand de eerste stap zet. Dat vraagt moed en een omgeving waarin die moed wordt erkend.
- Schaamte als obstakel erkennen. Schaamte laat zich niet zomaar zien. Het verstopt zich in perfectionisme, in zwijgen, in cynisme. Door schaamte bespreekbaar te maken – bijvoorbeeld via coaching – kan ze haar greep verliezen.
- Kwetsbaarheid trainen als kracht. De kracht van kwetsbaarheid is te leren. Dat vraagt oefening: in zelfexpressie, in het verdragen van ongemak, in het opzoeken van echt contact. Niet alles hoeft meteen opgelost – aanwezig blijven bij wat er speelt, is vaak al voldoende.
Om deze voorwaarden niet alleen in theorie te begrijpen maar ook in de praktijk te brengen, zijn er coachingsmethodieken nodig die schaamte hanteerbaar maken
Manieren om schaamte te transformeren
Hieronder beschrijf ik vijf benaderingen die zowel in teams als in individuele coaching kunnen worden ingezet om voorbij overlevingsstijlen te groeien naar meer veiligheid, authenticiteit en verbondenheid.
1. Geweldloze Communicatie
Om woorden te geven aan wat er onder de oppervlakte leeft, werk ik met de principes van Geweldloze Communicatie (GC), ontwikkeld door Marshall Rosenberg. Rosenberg zag hoe taal vaak werd gebruikt om macht uit te oefenen: via oordeel, schuld, straf, beloning en subtiele vormen van sociale afwijzing die schaamte oproepen. Met de principes van GC leren mensen gevoelens en behoeftes te herkennen en te verwoorden. Schaamte verdwijnt waar empathie komt – en empathie ontstaat wanneer gevoelens en behoeftes zonder oordeel gezien mogen worden.
2. De Authentieke Dialoog
De Authentieke Dialoog is een teamcoachinstrument waarin niet het debat of het uitwisselen van meningen centraal staat, maar aanwezigheid en innerlijk waarnemen. Teamleden worden uitgenodigd hun aandacht naar binnen te richten en te delen wat er werkelijk in hen leeft: gevoelens, beelden, lichamelijke sensaties of gedachten die vaak onder de oppervlakte blijven.
Wat de Authentieke Dialoog bijzonder maakt, is dat ze de onderstroom zichtbaar maakt – die laag van gevoelens en overtuigingen die zelden uitgesproken worden, maar wel voelbaar zijn in de samenwerking.
Teamleden worden uitgenodigd om hun innerlijke dialoog te delen: wat ze denken, voelen en wat normaliter niet boven water komt in de waan van de dag – mede door zelfcensuur – kan in een veilige bedding als de Authentieke Dialoog wel ruimte krijgen.
3. Gelukscompetenties™
Om uit de greep van overlevingsstijlen te komen, werk ik met de Gelukscompetenties™, Geluk is hierbij niet zomaar een prettig gevoel, maar een krachtig hulpmiddel om het brein uit de overlevingsstand te halen door het higher brain te activeren – het deel dat zorgt voor creativiteit, oplossingsgericht denken en langetermijnvisie. Met Gelukscompetenties kan iemand gemakkelijker leren een overlevingsstijl te transformeren. Zo kan:
- de Teruggetrokken Overlever gelukscompetenties vitaliseren trainen en zo volledig aanwezig zijn in het hier-en-nu;
- de Tekortkomende Overlever overvloedsdenken trainen om tekort om te buigen naar overvloed;
- de Samen-Overlever passend geven en ontvangen trainen om te kiezen voor het eigen geluk;
- de Gehoorzame Overlever verbindend communiceren trainen om boosheid om te zetten in kracht;
- de Bevroren Overlever schoonheidscreatie oefenen om de eigen essentie te laten stralen;
- de Boven-machtige Overlever presencing beoefenen om de eigen kwetsbaarheid te omarmen als ingang naar kracht.
4. Coachen voorbij de schaamte
Om voorbij de schaamte te komen gebruik ik in een-op-een coaching systemische interventies zoals familie- en organisatieopstellingen om zichtbaar te maken wat er onder schaamte verborgen was. Deze aanpak brengt naar boven wat vaak onbewust meespeelt in het heden: oude overtuigingen, onverwerkte emoties of vastgezette, systemische (familie)patronen. Tijdens de opstellingen zet ik aanvullend NLP (neurolinguïstisch programmeren) in om onbewuste processen die zichtbaar worden te transformeren.
5. Interventies via het zenuwstelsel
Schaamte nestelt zich niet alleen in het hoofd, maar ook in het lichaam. Ons zenuwstelsel slaat subtiel trauma op als een herinnering in ons zenuwstelsel. Daarom begeleid ik specifieke meditaties waarin negatieve emoties zoals schaamte bewust worden losgelaten, zodat er ruimte komt voor onschuld en zodat de essentie van wie we werkelijk zijn weer tevoorschijn kan komen. Deze meditaties noem ik Taofulness™: met je eigen geestkracht je eigen emotionele en fysieke spanningen loslaten.
De magie van transformatie
Teams én individuen die de moed hebben schaamte aan te kijken en te onderzoeken wat eronder verborgen ligt, ontdekken dat ze niet kleiner maar juist krachtiger worden. Schaamte blijkt dan geen barrière, maar de start van een magische transformatie naar de kern waar het werkelijk om gaat. Of het nu via Verbindende Communicatie, een Authentieke Dialoog, via opstellingen of taoïstische oefeningen gebeurt: elk team en ieder individu kan leren schaamte te transformeren om de onderliggende essentie vrij te maken.
Bronnen
- Kilian, V. (2025). Coachen naar de kern. De magie van transformatie. Boom.
- Kilian, V. (2014). Teamcoaching en intervisie met de Authentieke Dialoog: Breng een team naar flow en co-creatie. K-T Dynamics.
- Kilian, V. (2018). Geluk op het werk? Train je gelukscompetenties! (2e druk). K-T Dynamics.
- Kilian, V. (2023). Leidinggeven aan zelforganisatie: Een paradox? (2e druk). Van Duuren Management.
- Brown, B. (2019). Durf te leiden. De kracht van kwetsbaarheid voor moedige leiders. Utrecht: Bruna Uitgevers. Amsterdam
- Reich, W. (1933). Character Analysis, Sexpol Verlag, herdruk WRM Press, 2023.
- Blog foto: freepik
Over Veronique Kilian
Drs. Veronique Kilian is socioloog, transformatie- en teamcoach. Ze schreef vier boeken, waaronder het recent verschenen Coachen naar de kern. De magie van transformatie. Ze werkt met NLP, Innerlijk Kind- en relatiecoaching, geeft de opleiding tot werkgelukdeskundige en lezingen over karakterstructuren. Ze host de Chief Happiness Officer Podcast.
Bekijk hier het themanummer over Schaamte in het Tijdschrift voor Coaching: https://www.tvc.nl/alle-themas/schaamte





